Rimpelen en plooien

rimpelen-plooien

Wat is nu mooier dan een mouw rimpelloos inzetten. Daarvoor moet wel de mouwkop zeg maar "gekrimpt" worden. Het krimpen mag niet te zien zijn.

  •  Zet als eerste de bovendraadspanning losser en de steeklengte op 1.5 – 2.0.
  • Vervolgens stik je een rimpeldraad net boven de patroonlijn en een rimpeldraad net onder de patroonlijn. Deze rimpeldraden lopen dus parallel.
  • Laat ongeveer 5 cm. draad zitten aan het begin en aan het eind van de naden.
  • Trek nu aan de onderdraad om de stof te krimpen. Krimp niet meer als nodig is om de mouw rimpelloos in te zetten.

 

Bij "plooien" mag het wel zichtbaar zijn. Dit kan je gebruiken voor de onderkant van mouwen of voor stroken van een rok.

  •  Zet de bovendraadspanning losser en de steeklengte op 3.0 – 4.0.
  • Stik een rimpeldraad net boven de patroonlijn en een rimpeldraad net onder de patroonlijn.
  • Laat ongeveer 5 cm. draad zitten aan het begin en aan het eind van de naden.
  • Trek aan de onderdraad om de stof te plooien. Rimpel de stof totdat je de gewenste lengte heb bereikt.
  • Draai de uiteinden van de rimpeldraden om een ingestoken speld zodat de rimpels er niet meer uitgaan. Verdeel de plooien.
  • Stik vervolgens over je patroonlijn en je plooien zitten vast.

lea-je-maakt-het-mooi

Copyright ©. All Rights Reserved.